Kajakpolo‎ > ‎

Historiek

Boot, peddel en bal, de geschiedenis van kajakpolo door Ian Beasley (vrije vertaling)


Hedendaags kajakpolo is een opwindend spel dat in schril contrast staat met het relaxe en ontspannend kano balspel uit het verleden. De demonstratie-wedstijden in Duisburg, Duitsland 1987 kunnen gezien worden als definitieve start van het huidige kajakpolo. Maar reeds 100 jaar voordien speelden kajakvaarders met boot, peddel en bal.

Oorsprong

Britse tijdschriften beschrijven diverse balspelen met kano in Groot-Brittanië op het einde van de 19de eeuw. “Punch, or the London Charivarl” publiceert een houtsnede , getiteld ‘Polo on the Sea’ in 1875. De afbeelding toont mannen en vrouwen in een badkostuum dat het lichaam volledig bedekt, staand op een vlakke boot met dubbele romp, vechtend voor de bal met peddel.
 
 
“The Graphic” ook uit London, toont een ets in 1880 onder de titel ‘Water Polo at Hunter’s Quey, Scotland’. Dit was echter een ander balspel. De spelers zaten schrijlings op houten vaten versierd met paardenhoofden en –staart. Enkel al op het “paard” blijven zitten was een uitdaging tijdens het spel. Een andere afbeelding ‘Water Polo’, van “The Graphic” in 1884 laat spelers in een afgesloten kano zien.


Deze verschillende speelvormen waren een nieuwigheid voor plezier en ontspanning, maar stonden niet aan de wieg van het hedendaagse kajakpolo.
In Duitsland en Frankrijk speelden rond 1920 kajakkers balspelen enkel als initiatie voor het kanovaren en als training voor vaartechnieken op wild water. Voor de wildwatersport volgden de ervaren kanovaarders de rivieren maar omdat de auto nog niet wijd verspreid was, waagden enkel de meest enthousiasten zich op grotere afstanden. Het was daarom niet eenvoudig nieuwe kajakkers enthousiast te maken voor de kanosport. Kano balspelen was een uitdagend alternatief voor het kanovaren: veeleisend maar toch veilig en dicht bij huis.

In 1926 introduceerde de Deutsche Kanu Verein kanopolo als manier om nieuwe leden te werven, de teamspirit te bevorderen en ook als extra financiële steunpunt voor de vereniging. Gelijktijdig werden de eerste spelregels opgesteld. Tot omstreeks 1930 werden vouwkajaks gebruikt die later werden ingewisseld voor houten boten van meer dan 4 meter. Het speelveld was groot, 99–120 m lang op 50–90 m breed. De doelen dreven op het water en waren 4 m breed op 1.5 m hoog. Elke ploeg bestond uit 11 spelers en de wedstrijd duurde 2 x 45 minuten. Later werd het speelveld verkleind tot 60–90 m x 40–60 m met 2X 30 minuten en ploegen van 5 spelers. Rond 1935 was er voor kanopolo een officiële competitie met een bestuur, trainingsschema’s en vastgelegde spelregels. De tweede wereldoorlog bracht de sport tot stilstand en de interesse was weg tot 1965. In 1969 startte de competitie terug op.
De French Canoe Club introduceerde kano balspelen op het kano festival in 1929. De spelen ontpopten zich snel tot een sport, gespeeld op een veld van 60–100 m lang op de volledige breedte van de rivier. De doelen werden op het water geplaatst en de ploegen bestonden uit 3, 4, of 5 boten. In 1935 werden een set richtlijnen opgesteld voor het spel ‘canoe ball’ om te spelen op tornooien—het oorspronkelijk doel was een afwisseling te bieden tijdens de kano-training en het oefenen van vaartechnieken. Het was niet de bedoeling een competitieve sport uit te bouwen, maar in 1943 werden de spelregels geformaliseerd. Het speelveld werd teruggebracht tot 80 m x 35m, de kano’s werden vervangen door kajaks en kano-bal werd kajakbal.

Rond 1950 werd in Groot-Brittanië kajakpolo gespeeld, maar het is niet duidelijk onder welke vorm en waarvan de oorsprong was. In documenten is terug te vinden dat Oliver Cock in 1960 een spel leidde, gespeeld in canvas-boten in Noord-Wales.

Een verschillend spel werd in Australië gespeeld. De Australiërs gebruikten van 1952 tot de jaren ‘70 toerkano’s met 2 spelers in elke boot. De voorspeler gooide de bal terwijl de achterspeler de boot controleerde.

Kajakpolo werd gedurende jaren gespeeld in diverse vormen op rivieren en meren, op verschillende velden met andere spelregels met andere benamingen en om diverse redenen.

Technologie

In 1966 vroeg het district Borough of Newham in London aan Bert Keeble van de “National School Sailing Association” een kajak te ontwerpen die bruikbaar was om opleiding te geven in zwembaden. Veel zwembaden waren in de 60’er jaren gebouwd in scholen,waar ze gebruikt werden om de basistechnieken en eskimoteren aan de studenten te leren. Kajakpolo maakte deel uit van deze opleiding en was een aangename en praktische manier om de basistechnieken toe te passen. Sommige zwembaden waren zelfs toegankelijk voor het brede publiek. Veel van deze zwembaden waren eerder klein (10 m x 25 m), waardoor kleine kajaks noodzakelijk waren om het zwembad optimaal te gebruiken. De nieuwe kajak was uit hout; hij was kort met afgeronde punten om het zwembad niet te beschadigen. Pas later bouwde , Alan Byde, senior coach van de “British Canoe Union (BCU)”een gelijkaardige constructie met glasvezel versterkte polyester. De Bath Advanced Trainer (BAT) was geboren.
Het gebruik van zwembaden als locatie en de introductie van de BAT, gaf de impuls om de sport te hervormen: het zwembad beperkte de speelveld –afmetingen en de kleinere boot maakte korte bochten en sprints mogelijk. Een aantal spelregels waren in voege maar zouden snel aangepast en uitgebreid worden aan het nieuwe spel.

Uitbouw

Een internationale competitie wenkte. Het enthousiaste aantal spelers groeide in de engelse scholen. Kajakpolo , gespeeld in zwembaden werd een opkomende nationale sport. In 1970 werd een demonstratie gehouden tijdens de Crystal Palace Exhibition te London. De interesse was dermate groot dat het eerste English National Championships het volgend jaar werd georganiseerd tijdens de National Canoe Exhibition. Het nationaal kampioenschap wordt van dan af om de 2 jaar georganiseerd. De volgende jaren wordt deze versie van kajakpolo in de wereld geïntroduceerd. Eind jaren ‘70 wordt in Groot-Brittanië, Duitsland, Frankrijk, Finland, Zweden, Australië, Nederland en Spanje een vorm van kajakpolo gespeeld.

Oliver Cock, de nationale trainer van het BCU, had de spelregels geschreven voor de demonstratiespelen in 1970. Onder andere was het doel 1 m x 1 m en 2 m opgehangen boven het water. De bal mocht trouwens niet met de peddel gespeeld worden. In 1971 richtte het BCU het Canoe Polo comité op om de spelregels grondig vast te leggen en opleiding te geven.

Dit comité trachtte in 1972 het nieuwe reglement in te voeren, maar sommige landen maakten bezwaren. Als gevolg hiervan bleven er 2 verschillende spelstijlen met hun overtuigde aanhangers bestaan. Engeland, Frankrijk en Australië verkozen het BCU formaat met doelen van 1 m x 1 m , 2 m boven het water en met de toelating om de bal met de hand te spelen. Duitsland, Italië en Nederland verkozen het grotere speelveld met doelen op het water waarbij de bal enkel met de peddel gespeeld mocht worden. Dit spel werd in Duitsland tot 1990 beoefend.

De Internationale Canoe Federation (ICF) publiceerde in 1986 een nieuwe versie van de spelregels na grondige discussies her en der. De eerste demonstratie volgends deze wedstrijdregels werd op de World Sprint Titles in Duisberg gehouden, wat achteraf het officiële startschot was van de huidige kajakpolo bleek. Kajakpolo wordt gespeeld op een klein veld met de doelen boven het water; de bal mag gespeeld worden met de hand en de peddel en de BAT is de maatstaf voor de vereiste afmetingen.

Een internationale sport

Het reglement (International Canoe Polo Rules) van het ICF werd gefinaliseerd in 1990—speelveld 30 m x 20 m (later aangepast naar 35 m x 23 m); de doelen (1.5 m x 1 m) hangen 2 m boven het water; de speltijd is 2 x 10 minuten.

De plechtige opening van de ICF World Canoe Polo Championships wordt gehouden in Sheffield (Engeland) in 1994 en toont de sport met de vertegenwoordiging van 18 landen. Er waren 18 mannenteams en 6 vrouwenteams. De uitslag van de mannencompetitie was als volgt: 1 Australië, 2 Duitsland, 3 Groot-Brittanië, 4 Nederland, 5 Frankrijk, 6 België, 7 Ierland, 8 Hongarije, 9 Italië, 10 Nieuw Zeeland, 11 Chinese Taipei, 12 Zuid-Afrika, 13 Finland, 14 Oostenrijk, 15 Japan, 16 Brazilië, 17 Portugal, en 18 Canada. Voor de vrouwen: 1 Australië, 2 Groot-Brittanië, 3 Frankrijk, 4 Duitsland, 5 Nieuw Zeeland en 6 Ierland.

Latere kampioenschappen werden gehouden in Australië (1996), Portugal (1998), Brazilië (2000), Duitsland (2002), Japan (2004), Nederland (2006), Canada (2008) en Italy (2010). In 2012 zal het wereldkampioenschap gehouden worden in Madrid (Spanje).

Daarnaast bereikte kajakpolo een nieuwe mijlpaal als het terugkeerde naar Duisberg voor de multi-sport 2005 Wereldspelen.

Kajakpolo is een sport die snelheid, behendigheid en teamwork vereist. Een lust voor het oog. De bal- en kajakbehendigheid, de tactische aanvallen en sprints bieden een groot spektakel gehalte. Kajakpolo is een volwaardige autonome sport geworden die niet langer een samenstelling is van andere disciplines.

Besluit
Komende van een relax, recreatief spel is kajakpolo een snel competitieve sport geworden als uitdaging voor de beste sportlui. Het heeft zich door de jaren ontwikkeld tot de huidige vorm en zal verder evolueren. Maar bovenal is de oorsprong van de sport niet verloren gegaan; ieder speelt voor het plezier.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Meer info is terug te vinden in het naslagwerk over kajakpolo